“Goedemorgen meneer, hoe gaat het ermee?”
“As het goed zou gaan was ik hier niet toch?”
“Nou meneer, er zijn mensen… Maar wat denkt u dat u heeft?”
“Nou, er zijn drie soorten ziektes weet ik, ziektes waar je ván doodgaat, ziektes waar je méé doodgaat en ziektes die vanzelf over gaan, vertelde een wijs man me ooit. En ik wil aan u vragen welke soort deze zak met botten en water onder de leden heeft.”
“Daar heb ik voor geleerd, dus wie weet komen we er wel uit.”
“Zolang het geen ziekte van de eerste soort is, kan ik er mee leven……”
“Grappig dat u dat ze zegt.”
“Och ja, we blijven lachen toch?”
“Wel zo gezond ja. Maar wat is uw klacht?”
“Nou, als ik hier druk, doet het hier pijn.”
“Ho ho meneer, wij zijn hier degene die drukt.”
“Wij? Ik zie slechts een aardige donkerharig dame over wie ik me verder niet zal uitlaten gezien de huidige trend die mannen zeer beperkt in het uiten van hun diepere gevoelens. Maar oké, druk maar wat maar waar je wilt, ik zal geen beklag doen bij uw superieuren.”
“Wilt u dan nu het bovenlichaam ontbloten?”
“Zo jonge dame, je trekt wel hard van stapel.”
“Tja, het is wel nodig om her en der te drukken om te zien wat uw reactie daarop is.”
“Druk maar dan.” …… “Oh ja, nu voel ik het, koude handen. Ik zal me er verder niet over uitlaten hoe prettig ik dat ervaar. Auuuu, dat deed pijn.”
“Gewoon straf meneertje. Draait u zich eens om……. Mmmmm wist u dat u een vreemd plekje op de rug heeft?”
“Helaas beschik ik niet over de lenigheid ener slangenmens mijn rug te bekijken, maar moet ik me zorgen gaan maken aangaande de tijd die mij rest?”
“Nee, dat niet denk ik, en dat scheve schouderblad is ook geen directe reden tot paniek denk ik.”
“Hoezo scheef?”
“Nou het zit anders dan bij andere mensen, iets schuin naar beneden. Ooit een breuk gehad of gevallen?”
“Nu je het zegt, toen ik op een leuke meid viel was dat wel de oorzaak voor een breuk in mijn relatie.”
“Dat telt niet, maar ik denk niet dat dat schouderblad ernstig is al is het wel erg vreemd.”
De arts klopt op het schouderblad.
“Ik krijg nu de neiging ‘binnen’ te roepen, maar ik houd me in, aangezien ik nog geen inschatting heb kunnen maken over uw gevoel voor humor.”
“Wel, voor zover ik kan zien heeft u geen ziekte onder de leden!”
“Het was met niet opgevallen dat u daar ook al had gekeken.”
“Kleed u zich maar weer aan.”
“Jammer, we waren zo goed op weg samen.”
“Helaas, maar ik zie geen aanknopingspunten die duiden op een ziekte.”
“Dank u dokter, het was aangenaam, maar volgende keer wel even de handen opwarmen. Tot dan.”
“Tot de volgende keer.”
